Fotocel met directe reflectie [t-head2]
Het apparaat zendt een pulsvormige infrarood-lichtstraal uit, die door een Triple-reflector of spiegel wordt weerkaatst. De onderbreking van de lichtstraal resulteert in een schakeling van het apparaat. Fotocellen herkennen voorwerpen onafhankelijk van hun oppervlak, zolang deze niet glanzend zijn. De reflectorgrootte moet zo worden gekozen, dat het te registreren voorwerp de lichtstraal vrijwel volledig onderbreekt. Een betrouwbare detectie wordt in elk geval gewaarborgd wanneer het object de grootte van de reflector heeft. Het apparaat kan ook zo worden ingesteld, dat het transparante objecten detecteert.

