Rekening houdend met de eigenschappen van een aandrijving kunnen bepaalde schakelprocedures bij poolomschakelbare motoren nodig of ongewenst zijn. Wanneer bijv. de aanloopwarmte moet worden verminderd of er moet een grote traagheidsmassa worden versneld, verdient het aanbeveling, het hogere toerental alleen via het lagere toerental schakelbaar te maken.
Ter voorkoming van het oversynchroon remmen kan verhindering van het terugschakelen van het hogere naar het lagere toerental nodig zijn. In andere gevallen moet weer het direct in- en uitschakelen van ieder toerental mogelijk zijn. Nokkenschakelaars bieden daarvoor mogelijkheden via schakelstandvolgordes en vergrendelingen. Automatische-poolomschakelaars kunnen dergelijke schakelingen via vergrendeling in combinatie met daarvoor geschikte bedieningsapparaten realiseren.
Beveiliging van het motorbeveiligingsrelais [t-head3]
Wanneer de gemeenschappelijke zekering in de voedende leiding groter is dan de op de typeplaat van een motorbeveiligingsrelais gespecificeerde voorzekering, dan moet ieder motorbeveiligingsrelais met zijn grootst mogelijke voorzekering worden gezekerd.

